Luisterend oor aan mensen die zich alleen voelen

Voor veel mensen staat de zomer in het teken van vakantie, gezelligheid en samen genieten. Maar voor een grote groep mensen is deze periode juist een moment waarop eenzaamheid extra voelbaar wordt. „De Luisterlijn biedt in deze periode, maar ook de rest van het jaar, een plek waar mensen anoniem hun verhaal kwijt kunnen.” 

Dit zegt Lijsbeth Uiterwijk, werkzaam  als trainer van vrijwilligers bij De Luisterlijn. Zij vertelt dat de zomer voor veel mensen een moeilijke periode kan zijn. “De kinderen gaan op vakantie, de buren zijn weg en veel sociale activiteiten liggen stil. Mensen zijn in die periode vaker alleen en voelen zich dan ook vaker eenzaam.”

Relaties

De gesprekken die binnenkomen bij De Luisterlijn gaan over uiteenlopende onderwerpen. Niet alleen over eenzaamheid, maar ook over problemen in relaties, werk, gezondheid of zorgen over de toekomst. “Echt van alles. Daar hoort ook bij dat iemand zich niet gehoord voelt door de gezondheidszorg. Maar ook heel alledaagse dingen. Iemand heeft zelfs eens gebeld omdat diegene niet wist hoe je een ei moest koken.”

Avonduren

De vrijwilligers van De Luisterlijn bieden geen directe oplossingen of hulpverlening, maar vooral aandacht en nabijheid. “We helpen mensen niet door een probleem op te lossen, maar door er even te zijn. Vaak is de hulp het allerbelangrijkste alleen al doordat iemand naast je staat en naar jouw verhaal luistert.” Dagelijks voeren vrijwilligers tussen de 900 en 1000 gesprekken. De meeste gesprekken vinden plaats in de avonduren, maar ook ’s nachts zoeken mensen contact wanneer zij zich angstig of alleen voelen. Alle gesprekken zijn volledig anoniem. 

Oplossen

Volgens Uiterwijk zijn nieuwe vrijwilligers altijd welkom. “Het allerbelangrijkste is dat je graag iets wilt betekenen voor mensen die kwetsbaar zijn. Je moet goed kunnen luisteren en niet te snel oplossingen willen aandragen.” Vrijwilligers krijgen hiervoor een training en leren hoe zij mensen kunnen ondersteunen zonder de problemen van anderen mee naar huis te nemen.” (Bron: Eemland1)