
Met de aftrap van de campagne ‘Zet ‘m op’ ging het in Nederland de afgelopen weer veel over fietsveiligheid en het dragen van een fietshelm. Tot volle tevredenheid van Harry Helwegen die in Baarn pleitbezorger is van de fietshelm. Hij ziet het liefst dat het dragen ervan met de jaren net zo vanzelfsprekend wordt als het dragen van een autogordel.
“Hoe mooi zou het zijn als je straks overal kinderen met een helm ziet fietsen?” zegt Helwegen. Hij richt zich vooral op jonge kinderen. Zijn ideaalbeeld: basisscholieren die zonder nadenken hun helm opzetten voordat ze naar school gaan. “Juist in de leeftijd van 6 tot en met 8 jaar kun je gedrag nog vormen. Als het daar vanzelfsprekend wordt, nemen ze dat hun hele leven mee.”
Met zijn stichting FietsVeiligNL en in samenwerking met serviceclub Kiwanis, waar hij bestuurslid is, werden al duizenden betaalbare helmen ingekocht. Toegankelijkheid staat daarbij centraal. “Iedereen moet kunnen meedoen. Maar een kleine eigen bijdrage helpt vaak wel bij de betrokkenheid.”
Baarn als proeftuin
In Baarn heeft Helwegen inmiddels flink wat stappen gezet. Hij werd tijdens een vergadering van bovenschoolse besturen van basisscholen in Baarn hartelijk ontvangen om zijn verhaal te vertellen. Ook gaf hij een presentatie aan alle schoolleiders. Zijn aanpak is duidelijk: scholen faciliteren en verbinden. “Breng ons in contact, dan organiseren wij de rest. Denk aan een bijdrage tijdens verkeerslessen of samenwerkingen met ouderraden.” Maar het gaat langzamer dan hij wil. ,,Scholen zitten overvol in hun agenda. Je ziet dat het traject nog wat geduld vraagt.” Bij basisschool De Uitkijck kwam het al wel tot een concreet gesprek. ,,De schoolleiding is enthousiast, maar daar speelt een praktisch probleem: niet alle ouders kunnen een helm betalen. Daar zoeken we nu oplossingen voor, bijvoorbeeld via sponsoren. Dat kost eveneens tijd, maar het komt goed.”
Nieuwe samenwerkingen
Ondertussen kijkt Helwegen verder dan scholen en Baarn alleen. Zo is er een proef gestart met de GGD in Almere. Op tien consultatiebureaus wordt de fietshelm actief onder de aandacht gebracht bij ouders van jonge kinderen. Medewerkers zijn voorgelicht en verspreiden de informatie via informatiezuilen, gesprekken én nieuwsbrieven. „Dat is een hele waardevolle samenwerking. Je bereikt precies de doelgroep waar het om draait.” Als de pilot succesvol blijkt, hoopt hij deze aanpak landelijk uit te rollen via de GGD. Zijn missie vraagt om doorzettingsvermogen. “We hebben geen enorm budget en zijn nog relatief kort bezig. Maar achter de schermen wordt keihard gewerkt.” Initiatieven zoals de Dag van de Fietshelm en de campagne ‘Zet ‘m op’helpen om extra aandacht te genereren.
De cijfers spreken voor zich
Volgens cijfers van FietsVeiligNL belanden jaarlijks tienduizenden fietsers op de spoedeisende hulp na een ongeval. Een groot deel loopt daarbij ernstig letsel op, vaak aan hoofd en hersenen. Het aantal fietsslachtoffers is de afgelopen tien jaar met bijna een kwart gestegen, mede door de opkomst van de e-bike. De ambitie van de landelijke campagne is dat in 2035 minstens 25 procent van de fietsers vrijwillig een helm draagt. Op dit moment ligt dat percentage rond de 5. “Dat zijn cijfers waar je niet omheen kunt,” besluit Helwegen. “Als een simpele maatregel als een helm verschil kan maken, moeten we dat serieus nemen. Het begint met bewustwording. Laten we beginnen bij de kinderen. Dan wordt het vanzelf normaal.”




