“Als je daar in een militair hospitaal komt en je ziet die hele jonge mannen rondlopen – nou ja, rondlopen, de meesten hebben geen benen meer – dan komt het binnen.”
Deze woorden rollen over de lippen van Sonja Wolf van Stichting Hart voor Soest. Onlangs maakte deze Soestse haar vijfde reis naar het door oorlog getroffen land. Ze bezocht twee weeshuizen en twee militaire ziekenhuizen en bracht onder meer medische hulpmiddelen en andere noodzakelijke goederen mee.
Angstig
Tijdens haar eerdere reizen bleef Wolf vooral in de omgeving van de Poolse grens. Deze keer ging ze verder Oekraïne in, naar Lviv. De oorlog is daar volgens haar zichtbaar, maar het dagelijks leven gaat ook door. „Ik had verwacht dat de mensen wat angstiger zouden zijn. Maar dat valt op een gegeven moment wel mee. Als er wat aan de hand is, gaan ze allemaal de schuilkelders in.” De grootste behoefte ligt volgens Wolf bij medische hulpmiddelen. „Daar is een chronisch gebrek aan.” Het gaat om uiteenlopende materialen, van scootmobielen, rollators en douchestoelen tot verbandmiddelen, katheters en stomamateriaal. Ook medicijnen die in Nederland overblijven, kunnen van waarde zijn. „Medicijnen die wij hier eigenlijk weggooien, hebben ze daar hard nodig.”
Militair
Een arts beoordeelt welke medicijnen veilig en verantwoord kunnen worden meegenomen. Wolf probeert daarnaast rechtstreeks contact te houden met de ontvangers. Zo werd tijdens de reis een scootmobiel gegeven aan een 24-jarige gewonde militair. „Die jongen was een dag daarvoor jarig geweest. We hebben hem een scootmobiel gegeven voor zijn verjaardag.” Ook in de weeshuizen is de behoefte groot. „Daar hebben ze heel veel nodig, maar ook heel veel liefde.” De kinderen maakten tekeningen voor de bezoekers en vroegen om materiaal om te kunnen knutselen. Zelfs knopen zijn welkom. „Met groene knopen maken ze bomen en met bruine knopen maken ze de aarde.”
Praktisch
Wolf wil de komende periode doorgaan met het transport van hulpgoederen. Ze streeft ernaar iedere maand iemand naar Oekraïne te laten reizen. Zelf wil ze rond november of december opnieuw gaan. „Ik heb allemaal koffertjes gemaakt met nieuwe spullen, snoepgoed en speelgoed voor de kinderen in het weeshuis.” Tegelijkertijd staat Stichting Hart voor Soest voor een praktisch probleem. De stichting moet het huidige pand aan de Nieuweweg aan het einde van het jaar verlaten. Een mogelijke nieuwe locatie wordt onderzocht, maar zekerheid is er nog niet. „We moeten krimpen”, zegt Wolf. Subsidie voor de huisvesting is niet beschikbaar.
Aanschaffen
Toch blijft ze vertrouwen houden in haar vrijwilligers. „Ik heb ontzettend goede vrijwilligers. Ik hoef niet eens te komen. Het loopt gewoon door.” Wolf roept mensen op bruikbare zorgartikelen niet weg te gooien. „Echt zorgspullen, daar zijn we ontzettend blij mee.” Wie niets kan doneren, kan ook financieel bijdragen. „Dan gaan we dingen aanschaffen.” Zo wil Wolf de hulpverlening vanuit Soest blijven voortzetten, zowel lokaal als in Oekraïne. (Bron: Eemland1)



