Marijke Roest bracht Soest jarenlang in beweging

Eind september stopt Marijke Roest als buurtsportcoach en bewegingsmakelaar bij de SWOS (Stichting Welzijn Ouderen Soest). Jarenlang hielp zij Soesters die niet vanzelfsprekend de weg naar een sport of activiteit vonden. Haar aanpak is simpel: niet vertellen wat iemand moet doen, maar samen ontdekken waar iemand enthousiast van wordt.

Daarvoor gaat Roest het liefst bij mensen thuis langs. “Waar je ogen van gaan glimmen, daar wil ik met jou naar gaan kijken”, vertelt ze. Wat iemand vroeger leuk vond, kan daarbij een aanknopingspunt zijn. Vervolgens zoekt ze samen met die persoon naar een passende sport. Soms gaat ze mee naar een vereniging of trainer. Als de drempel nog te hoog is, doet ze zelf mee. Zo gaat ze bijvoorbeeld mee zwemmen of waagt zij zich aan rolstoeltennis.

Want voor Roest draait haar werk niet alleen om bewegen. Veel van de mensen die ze begeleidt zijn kwetsbaar, hebben een beperking of zijn na een ziekte of operatie opnieuw op zoek naar wat ze kunnen. “Ik ben heel erg van: wat kan er wel?”

Van ongeluk naar Paralympics

Die instelling komt niet uit het niets. Roest weet zelf hoe het is om opnieuw te moeten beginnen. Op haar 32e kreeg ze een ongeluk en stapte zij over op aangepast sporten. In 2000 maakte zij kennis met zitvolleybal. Vier jaar later stond ze met het Nederlandse dameszitvolleybalteam op de Paralympische Spelen in Athene, waar ze een zilveren medaille won.

Tegelijkertijd heeft ze jarenlang in de mode gewerkt. In totaal werkte ze 36 jaar in de retail, onder meer in reclame en marketing. Pas toen ze rond haar 55e zonder werk kwam te zitten, ontdekte ze dat haar ervaring met sport misschien ook haar nieuwe beroep kon worden. Ze begeleidde op dat moment al G-honkballers en werd gevraagd voor een functie als buurtsportcoach aangepast sporten.

Meer dan alleen bewegen

In haar huidige werk komen die ervaringen samen. Ze weet hoe lastig het kan zijn om een eerste stap te zetten, maar ook hoeveel die stap kan opleveren. “Ik hoop dat ik de mensen van een nul naar een vijfje of zesje kan brengen, zodat ze weer de lol in het leven krijgen.”

Dat ziet ze bijvoorbeeld terug in haar wandelgroepen. Daar gaat het allang niet meer alleen om wandelen. De deelnemers vragen naar elkaar, gaan bij elkaar op bezoek en spreken samen af om te zwemmen of naar een koor te gaan. Bewegen wordt zo een manier om nieuwe contacten te vinden.

Een nieuw avontuur

Nu draagt Roest haar werk over aan een nieuwe buurtsportcoach. Die begint in september en krijgt vier weken begeleiding van haar. Want, zegt Roest: “Je draagt geen administratie over, maar je draagt mensen over.”

Daarna wil ze eerst een halfjaar afstand nemen. Even kijken wat ze mist, wat ze wil en welk nieuw avontuur misschien op haar wacht. Want stilzitten lijkt, voor iemand die jarenlang anderen in beweging bracht, misschien wel de grootste uitdaging. (Bron: Eemland1)