De jongen van De Laatste Klassenfoto die nooit terugkwam

0
Rolf Bernstein De Laatste Klassenfoto uit Baarn, dook twee jaar onder in Soest bij familie Blankenstein.
Rolf Bernstein dook twee jaar onder in Soest bij familie Blankenstein in de Tweede Wereldoorlog. Foto: Joodsmonument.nl

De 81-jarige Thea Blankenstein uit Soest keek deze week met bijzondere aandacht naar de NOS-documentaire De Laatste Klassenfoto, over een Joods schoolklasje uit Baarn dat door de oorlog vrijwel werd weggevaagd. Vooral vanwege één gezicht op de foto: dat van de toen 12-jarige Rolf Bernstein.

„Ik vond het een indrukwekkende documentaire”, vertelt Thea aan de eettafel van haar woning in Soest. „Maar ik merkte ook dat ik bleef wachten op het verhaal van Rolf. Dat bleef liggen. Al snap ik dat er keuzes moesten worden gemaakt.”

Ondergedoken

Het verhaal van Rolf is een verhaal dat diep verweven zit met haar eigen familiegeschiedenis. Niet omdat ze Rolf ooit heeft gekend. Ze werd pas in februari 1945 geboren, hij werd waarschijnlijk nog in oktober 1944 in Auschwitz vergast. Maar wel omdat Rolf tijdens de oorlog met zijn ouders ondergedoken zat op de zolder van haar ouderlijk huis. Hetzelfde huis waar Thea nu nog woont.

Sinterklaas

„Van 1942 tot 1944 woonden Rolf en zijn ouders bij mijn vader en moeder op zolder”, zegt Thea. In de schaduw van de oorlog probeerden de gezinnen een soort normaal leven overeind te houden. „In de avonden kwam het gezin Bernstein naar beneden. Moeder Maddie was gek op mijn twee oudere zussen, toen nog heel klein. Ze hadden het goed samen, ondanks de spanning van de tijd. Zo vierden ze bijvoorbeeld samen Sinterklaas. Mijn vader Benjamin Blankenstein schreef gedichten voor de onderduikers, daarvan zijn er enkele bewaard gebleven. Rolf deed een studie onder de naam van mijn vader. Hij figuurzaagde nog een houten kunstzinnig vormgegeven plaatje, met zijn dank aan de familie Blankenstein erop. Het is bewaard gebleven. Zo probeerden ze ondanks alles mens te blijven.”

Verraad

Maar de dreiging hing voortdurend in de lucht. En uiteindelijk ging het mis. Op 5 juni 1944, één dag voor D-Day, vielen Duitse militairen het huis aan de toenmalige Lange Bergstraat, nu Van Straelenlaan, binnen. „Ze zijn verraden”, zegt Thea zacht. „Mijn vader werd samen met de familie Bernstein opgepakt.” Thea kent het verhaal uit haar hoofd: hoe haar vader en Henry Bernstein geboeid werden afgevoerd naar politiebureau Amersfoort, terwijl Maddi met zoon Rolf achter hen aan liep. Via Amsterdam belandde de familie uiteindelijk in Westerbork. „Het wrange is natuurlijk dat op dezelfde dag de invasie in Normandië begon. Er was hoop dat de oorlog snel voorbij zou zijn. Maar voor Rolf en zijn vader liep het anders.”

Westerbork

In Westerbork werkte Maddie in de verpleging, Rolf in de borstelmakerij. Henry, zijn vader, deed verschillende klussen. Daarna volgde transport naar Theresienstadt. Niet veel later werden vader Henry en zoon Rolf doorgestuurd naar Auschwitz. Rolf was toen vijftien jaar oud. „Henry werd vergast, Rolf ook, al is niet precies bekend wanneer hij is gestorven”, zegt Thea. Alleen Maddi keerde terug. ,,Ik denk dat ze in leven is gebleven doordat ze een begaafd pianiste was. Ze gaf voor de oorlog regelmatig concerten. Ze heeft wellicht braaf mogen spelen ter uitgeleide van de mensen die de gaskamers in moesten.” Uitgemergeld en met een kaal hoofd werd ze na de oorlog opnieuw opgevangen door de achtergebleven Rie Blankenstein en haar drie jonge dochters. 

In 1947 verhuisde Maddie met een zus en haar zoon en de dochter van een andere zus naar Amerika. Ze waren de enige overlevenden van hun familie. „We hielden contact, absoluut. Maar over de kampen of over Rolf spraken we bijna nooit meer.” Maddie werd 90 jaar oud. De familie in Amerika heeft in 2005 de familie Blankenstein aangemeld bij Yad Vashem.

Verbroedering

Nog altijd ligt de geschiedenis letterlijk voor Thea’s voordeur. Voor haar woning aan de Van Straelenlaan ligt zo’n glinsterend steentje van messing, een struikelsteen, van oorsprong Stolperstein, met de naam van Benjamin Blankenstein erop. In 2006 in Hilden, bij Düsseldorf is voor Henry Bernstein en de kleine Rolf die daar ooit woonden een Stolperstein gelegd. ,,Ik heb toen nog mogen spreken bij de ceremonie”, vertelt Thea. Mooi vindt ze de verbintenis die toen is ontstaan. De organisatie achter de Stolpersteine heeft geïnitieerd dat er in 2010 een zelfde steentje kwam voor haar deur, het huis van haar vader. ,,En ze hebben het ook nog betaald. Ik zie dat als een teken van verbroedering. Ieder jaar rond de Kristalnacht worden bij de 45 Stolpersteinen die Hilden nu kent, een witte roos neergelegd én kaarsje met wit dekseltje erop. Ik ben er een keer bij geweest en weet nu dat bij de twee steentjes van Henry en Rolf een derde roos wordt neergelegd. Namelijk ook één voor mijn vader. Prachtig. Ik blijf het verhaal van Rolf die nog een heel leven voor zich had, en zijn familie vertellen. Opdat we ervan mogen leren zoals ook in notabene het Duitse Hilden gebeurt.”

Laatste klassenfoto

De NOS Documentaire de Laatste Klassenfoto werd na de registratie van Dodenherdenking op de Dam uitgezonden op NPO 2 en is nog altijd terug te zien via NPO Gemist. De documentaire vertelt het indrukwekkende verhaal van de leerlingen Max Abram en Juliette Boutelje én Rosel Philip die de oorlog overleefden. Van de achttien Joodse klasgenoten die hoopvol de camera inkeken, vonden zeker negen de dood in de oorlog door toedoen van de vijand. Ook hun jonge juf Anna de Liever overleefde de oorlog niet. (Bron: Eemlan1)

Thea Bernstein Van Straelenlaan 31 Soest De Laatste Klassenfoto Benjamin Blankenstein en Rolf Bernstein

De laatste klassenfoto 1941 Inge Pastoor