‘Onder voorwaarden realiseren’

0
Conclaaf
Column van Arjan Klaver

Er zijn in Nederland drie dingen waar we echt goed in zijn. Ik noem klagen over het weer, filevorming op rotondes en het zorgvuldig uitstellen van beslissingen totdat ze zichzelf niet meer kunnen uitstellen. En precies in dat laatste excelleert Soest momenteel op olympisch niveau. Het dossier van het nieuwe hoogspanningsstation van Stedin is daarbij een schoolvoorbeeld van bestuurlijke elegantie. Er moet iets komen wat we allemaal nodig hebben, maar waar niemand graag naast wil wonen, werken en leren. Kortom, een klassiek geval van ‘not in my backyard’, of in goed Nederlands: ‘wel nodig, maar liever ergens anders.’

Stedin deed braaf huiswerk en kwam uit op zoeklocatie 11. Efficiënt, logisch, weinig gedoe. Dus dacht iedereen met een gezond verstand dat de afronding nabij is. Maar nee. Het college van B&W houdt de spanning erin en koos locatie 10, want die zou ‘de openheid van het polderlandschap het minst aantasten’.

Dat is bestuurlijke poëzie van het hoogste niveau. Een hoogspanningsstation plaatsen en vervolgens zeggen dat het landschap nog steeds open voelt. Dat is alsof je een olifant in je woonkamer zet en concludeert dat het interieur ‘ruimtelijk blijft aanvoelen.’ Ondertussen kijken de politici onder de vlag van POS Soesterberg met lichte verbazing toe en vragen zich af waarom er niet voor de locatie wordt gekozen die minder juridisch gedoe, minder vertraging en meer draagvlak oplevert? Dat soort vragen zijn natuurlijk gevaarlijk, want ze leiden vaak tot… nog meer vergaderingen en gesteggel aan de Dalweg. 

En dan de bewonersavond. Daar kwam het volledige Nederlandse emotiepakket voorbij met onder andere zorgen over gezondheid, magneetvelden, leefomgeving en het onprettige idee dat je straks je koffie zet in de schaduw van een transformatorstation. Het RIVM en de Gezondheidsraad werden erbij gehaald. Het mooiste blijft toch die ene oneliner tijdens het slotwoord. ‘Onder voorwaarden realiseren’. Dat klinkt streng, maar in gemeentelijke taal betekent het meestal dat ‘we’ het nog niet weten, maar ‘we’ hopen dat iedereen er vanzelf aan went.’ En zo ploegt Nederland dapper verder. Niet met de vraag waar we energie vandaan halen, maar vooral met de diepere filosofische kwestie. Want welk weiland mag er het meest esthetisch bij instorten?